Moissanite (diamantsimulat)

Pas sedert 1998 word Moissanite als  diamantsimultant in de juwelen sector gebruikt.

Zijn eigenschappen lijken op die van diamat;  zijn hardheid op de scala van Moh is 9.5 (vs. 10 voor diamant) wat Moissanite erg duurzaam maakt. Hij is bestand tegen extreme temperaturen tot 1127°C (vs 837°C voor diamant) en inert tegen zoutzuur (net zo als diamant).

Zijn gloed lijkt op die van diamant, en de steen laat zich op dezelfde manier slijpen. Er zijn verschillen in de breking van het licht – Moissanite is dubbelbrekend en diamant enkelbrekend – ook heeft de moissaniet naaldvormige inclusies, die bij de diamant niet voorkomen.

De naam “Moissanite” gaat terug op de Franse chemicus en nobelprijswinnar Ferdinand Frederick Henry Moissan (1852-1907).  De nobelprijs kreeg hij trouwens voor  zijn onderzoek naar en isolatie van het element fluor en voor zijn introductie van de naar hem genoemde elektrische oven.

Foto: http://en.wikipedia.org/wiki/File:Moissanite_ring.JPG

In 1893 begon Henry Moissan met het analyseren van meteorietfragmenten, welke in een meteoor krater dichtbij de Diabolo Canyon in Arizona werd gevonden.  In de fragmenten ontdekte hij miniscule hoeveelheden van een onbekend mineraal. Na uitgebreid onderzoek kon hij in 1904 aantonen, dat dit mineraal “Silicon cabine” (dus silicone koolstof =  CSi) was.
In 1905 werd dit mineraal naar hem benoemd en draagt nu de nam Moisssanite.

In zijn natuurlijke vorm is Moissanite heel erg zeldzaam, het word vooral in in meteorieten aangetroffen, maar er zijn ook vondsten in de aardkorst; in kimberlet, lampreitje en diamond mijnen.  De commercieel beschikbare vormen zijn allemaal in laboratoriums synthetiseert. De kleurenpalet loopt van grijs tot groen en blauw en niet noodzakelijk transparant.

Pas in 1997 slagde men er in om een kleurloze synthetische moissanite te maken, die juwelenkwaliteit heeft.

© info@aurificina.com

© meta zahren
Close Menu